9 maart 2021

Digitalisering katalysator circulaire bouweconomie

Digitalisering van de bouwsector gaat volgens veel experts een cruciale rol spelen bij de totstandkoming van een circulaire bouweconomie. Maar wat houdt die digitalisering precies in? En hoe kan die bijdragen aan minder grondstoffengebruik en meer hergebruik? Stan Jansen, certification engineer bij Kiwa’s bouwdivisie, geeft antwoord op deze vragen.

De Nederlandse overheid zet vol in op een circulaire economie. Al in 2030 moet het gebruik van primaire grondstoffen zijn gehalveerd ten opzichte van 2016 en in 2050 moet de Nederlandse economie volledig circulair zijn. Dat betekent dat géén eindige grondstofvoorraden worden uitgeput en dat reststoffen volledig opnieuw moeten worden ingezet. Voor de bouwsector betekent dit nóg meer hoogwaardig hergebruik van materialen en een ommezwaai in de manier waarop bouwwerken worden ontwikkeld en beheerd. Het digitaliseren van de gebouwde omgeving kon wel eens cruciaal zijn bij het realiseren van een circulaire bouweconomie.

Nieuwe benadering

De ‘specs’ van een bouwwerk zijn al lang niet meer alleen op papier beschikbaar. ‘Met CAD-toepassingen wordt al tientallen jaren digitaal ontworpen en afgelopen jaren heeft nieuwe webtechnologie de digitalisering van de bouwsector een nóg grotere boost gegeven’, vertelt Stan Jansen. ‘Zo maken robotisering, slimme sensoren, 3D-printing, augmented reality (AR) en het Internet of Things (IoT) een compleet nieuwe benadering mogelijk van het ontwerp-, bouw- en onderhoudsproces. Deze technieken spelen een belangrijke rol in het drukken van faalkosten. Een bijkomend voordeel is het inzicht dat de data verschaft over bouwmaterialen en producten, hierdoor creëer je ook kansen voor een circulaire aanpak in het ontwerp.’

Lifecycle monitoren

Bij Building Information Modelling (BIM) wordt een virtuele kopie gemaakt van een gebouw, met alle fysieke en functionele kernmerken daarvan. ‘Dat model is voor stakeholders een betrouwbare basis voor het nemen van besluiten tijdens de gehele levenscyclus van het gebouw. Dus van het eerste ontwerp tot de sloop. Bij nieuwbouwprojecten wordt BIM al toegepast, waarmee het opstellen van paspoorten voor nieuwbouw mogelijk wordt.’ Volgens Jansen kunnen op deze manier alle betrokken stakeholders optimaal met elkaar communiceren en de lifecycle monitoren. ‘Het voorkomt niet alleen onnodige fouten in de realisatie van een bouwwerk, maar zorgt er ook voor dat exact duidelijk is welke materialen er in de constructie zijn verwerkt, zodat ook direct bekend is wat er hoe hergebruikt kan worden.’

Digitale tweeling

Door de BIM-informatie te koppelen aan slimme sensoren in het bouwwerk ontstaat een ‘digital twin’, een digitale tweeling. Die voorziet bijvoorbeeld de beheerders van een gebouw niet alleen van informatie over de constructie en de materialen die daarbij zijn gebruikt, maar voegt daar ook realtime gegevens aan toe over de actuele staat van het object. ‘Zo ontstaat een virtuele kopie van een bouwwerk die continu wordt verrijkt met nieuwe informatie over bijvoorbeeld eventuele slijtage van onderdelen of het functioneren van installaties. Die sensorinformatie kan worden gebruikt om beslissingen te nemen over preventief onderhoud of andere fysieke interventies.’

Gebouwenpaspoort

Maar op welke manier leveren BIM en de ‘digital twin’ van een object dan een bijdrage aan de totstandkoming van een circulaire bouweconomie? ‘Digitale hulpmiddelen zijn niet alleen nuttig in de constructie- en gebruiksfase van een gebouw, maar ook aan het einde van de lifecycle. Als we het hergebruik van bouwmaterialen en -producten willen optimaliseren, hebben we betrouwbare en gedetailleerde informatie nodig over kwaliteit, kwantiteit en beschikbaarheid van secundaire producten.’ Die informatie zou kunnen staan in een zogenaamd gebouwenpaspoort, een digitale registratie waarin is vastgelegd waar een object uit bestaat, hoe het is gebouwd en waar het zich bevindt.

Certificering

Hoewel een aantal grote marktpartijen in de bouwsector al volop innoveert met BIM en digital twins, kent digitalisering van de bouwsector nog behoorlijk wat technische en organisatorische uitdagingen. Ook ervaren bedrijven moeilijkheden om een businesscase rond te krijgen en is er een gebrek aan standaardisatie, wat de onderlinge uitwisselbaarheid van data natuurlijk niet ten goede komt. ‘Wat dat laatste betreft zou certificering een flinke stap in de goede richting zijn. Met de ISO 19650 is er al een BIM-certificering en Kiwa werkt aan een beoordelingsrichtlijn op dit gebied. Certificering zou niet alleen de circulaire bouweconomie stimuleren, maar het voor bedrijven ook gemakkelijker maken om te voldoen aan wet- en regelgeving en de voorwaarden voor bijvoorbeeld de MIA/VAMIL-regeling.’

Meer informatie

Wilt u meer weten over digitalisering en hoe dit de circulaire bouw kan stimuleren? Stan Jansen vertelt u er graag meer over. Neem contact op met Stan of bel naar +31 (0)88 998 46 76. Kiwa werkt samen met de branche en verricht onderzoek naar BIM en ‘digital twins’ om tot standaardisatie en certificering te komen waarmee bedrijven de eerste stappen kunnen zetten naar een gedigitaliseerde circulaire bouweconomie. Lees ook het rapport ‘Digitalisering in de bouw’.