Een bepaalde groep eigenaren van collectieve installaties heeft die verplichting wèl: zij worden in artikel 35 van het Drinkwaterbesluit aangewezen. Het gaat om eigenaren van: ziekenhuizen, een bepaalde groep zorginstellingen, verblijfsaccommodaties, asielzoekerscentra, penitentiaire inrichtingen, zwem- en badinrichtingen, kampeerterreinen, jachthavens en truckstops. Zij dienen hun risicoanalyse uit te laten voeren (art. 37, lid 3) en hun beheersplan op te laten stellen (art. 38, lid 1) door een op basis van BRL 6010 gecertificeerd bedrijf. Ook als die eigenaren gebruik willen maken van een alternatieve legionellapreventietechniek dient de onderbouwing daarvan door een dergelijk bedrijf te worden opgesteld (art. 44, lid 2 en 3).

In het Drinkwaterbesluit is aangeven waaraan risicoanalyse en beheersplan voor legionellapreventie moeten voldoen. Het toezicht op het voldoen aan de verplichtingen wordt uitgevoerd door de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT), die ook optreedt als zaken niet in orde zijn. Onderdeel van het toezicht zijn de controles die de drinkwaterbedrijven wettelijk uitvoeren op collectieve installaties.

De Komo-Instal Beoordelingsrichtlijn "Legionellapreventie-advisering voor collectieve leidingwaterinstallaties" (BRL 6010) wordt beheerd door KvINL. Kiwa is één van de uitvoerders van de certificatieregeling.

Voor advies- en installatiebedrijven die in het kader van legionellapreventie risicoanalyses uitvoeren en beheersplannen opstellen voor eigenaren van leidingwaterinstallaties.

- voor eigenaren van collectieve installaties

Met het laten uitvoeren/opstellen van uw risicoanalyse/beheersplan legionellapreventie door een BRL6010-gecertificeerd bedrijf ben u verzekerd van een plan dat voldoet aan alle wettelijke vereisten. Dat geldt ook voor het onderbouwen van de eventuele toepassing van een alternatieve legionellapreventietechniek.

- voor gecertificeerde advies- en installatiebedrijven

Met het Komo Instal-procescertificaat voor “Legionellapreventie-advisering voor collectieve leidingwaterinstallaties” onderscheidt u zich van overige advies- en installatiebedrijven en weet de klant u eerder te vinden.

De certificering bestaat uit 2 stappen: Toelatingsonderzoek en Onderhoud certificaat en certificatieschema.

Toelatingsonderzoek
Het toelatingsonderzoek bestaat uit 3 onderdelen:

1. Beoordeling van het beheersplan en risicoanalyse
Kiwa gaat na of het beheersplan en risicoanalyse voldoen aan artikel 3 van de beoordelingsrichtlijn.

2. Beoordeling proces en kwaliteitsbewaking
Tijdens deze stap beoordeelt Kiwa de aanvrager op basis van hoofdstuk 4 en 5 van BRL 6010. Er wordt bij deze stap vastgesteld of de procesvoering en de uitvoering van het kwaliteitsbeleid geschikt zijn voor het doel zodat de betreffende beheersplannen voldoen aan de minimale eisen die zijn gesteld in de beoordelingsrichtlijn.


3. Beoordeling projectbezoeken
Tijdens één of meerdere projectbezoeken beoordeelt Kiwa of de wijze van het uitvoeren van een inventarisatie voldoende garantie geeft dat het opgestelde beheersplan voldoet aan alle aspecten die zijn genoemd in de BRL. Bij succesvolle afronding van het toelatingsonderzoek wordt het certificaat verstrekt.


Onderhoud certificaat en certificatieschema
Om het certificaat zijn geldigheid te kunnen laten behouden dienen certificaat en certificatieschema te worden onderhouden. Dit gebeurt op basis van de uitslagen van periodieke audits, waarbij ook weer uitgevoerde projecten worden bezocht.