Sinds 1 oktober 2014 geldt voor de aanleg van een bodemenergiesysteem een wettelijke certificering. Opdrachtgevers (consumenten of bedrijven, aannemer of installateur) zijn sindsdien verplicht om werkzaamheden aan een bodemenergiesysteem door een Bodem+ erkend bedrijf te laten uitvoeren. Gebeurt dat niet, dan wordt dit gezien als een economisch delict.

Nieuwe regeling bodemkwaliteit: BRL 6000-21 versie 2019

Sinds 5 juni 2020 is er een nieuwe versie: de BRL 6000-21 versie 2019. Voor het invoeren van versie 2019 is er een overgangstermijn aangehouden voor de certificaathouders. In deze periode hebben certificaathouders de tijd om over te gaan van versie 2014 naar versie 2019. De overgangstermijn loopt vanaf heden tot 1 juli 2021.

Het Ministerie van I&W en organisaties uit de sector hebben verzocht tot aanpassing van de BRL 6000-21 versie 2014. Het belangrijkste verschil is het wegnemen van de scope-overlap met het BRL SIKB 11000-protocol ‘Ondergronds deel installatie bodemenergie’. En verder is versie 2019 inhoudelijk beter afgestemd met het BRL SIKB 11000-protocol. Zo is duidelijker wanneer een bedrijf een certificaat voor BRL 6000-21 of BRL SIKB 11000 nodig heeft. Wellicht ter geruststelling: er zijn geen grote verschillen tussen de technisch inhoudelijke aspecten van versies 2014 en 2019.

De nieuwe versie van de norm kan worden besteld via de Kennisbank van ISSO. Bij nieuwe audittrajecten wordt direct getoetst op versie 2019. Neem voor een offerte contact met ons op door een e-mail te sturen aan salescins@kiwa.com of te bellen naar 088-9983220.

BRL 6000-21 certificering verplicht

 Voor installateurs die werken aan het bovengrondse gedeelte van een bodemenergiesysteem (de bodem gekoppelde warmtepomp) is het BRL 6000-21 certificaat verplicht. Voor het ondergrondse gedeelte van een bodemenergiesysteem (de bronnen en bodemwarmtewisselaars) is het certificaat BRL SIKB 11000 verplicht.

BRL 6000-21 certificering door Kiwa is interessant voor installatieprofessionals die zich bezighouden met warmtepompsystemen (bovengrondse deel van bodemenergiesystemen). Denk daarbij aan adviesbureaus, WKO-installateurs, technische installatiebureaus, beheerders en exploitanten die het bovengrondse deel van bodemenergiesystemen ontwerpen, installeren en beheren.

Het deelgebied BRL 6000-21 kent zes subdeelgebieden. Zo wordt er onderscheid gemaakt tussen ontwerpen, installeren en beheren en tussen bodemenergiesystemen van individuele woningen en bodemenergiesystemen van woongebouwen en/of utiliteitsgebouwen. De certificaathouder kan één tot zes van deze subdeelgebieden kiezen waarbinnen hij zijn werkzaamheden onder certificaat wil verrichten.